maandag 26 oktober 2015

Inleiding tot de atletische sferologie

Naast de filosofische vraag “Waar bevindt de mens zich?”, die ik eerder beantwoordde aan de hand van het gedachtengoed van Sloterdijk, plaats ik nu de vraag: “Hoe blijft de mens in beweging?” Lees mijn persoonlijk antwoord.

De Duitse filosoof Peter Sloterdijk beschrijft in zijn “Sferen”-trilogie de wereld als plaats WAAR de mens leeft aan de hand van sferen op drie niveaus: de micro-, de macro- en de plurale sferologie (zie mijn blogposts “Waar de zeepbel uiteenspat” van 13 april 2015, “Wat je kunt leren van een bol” van 1 juni 2015 resp. “Het leven is als een schuimparty” van 14 september 2015).

Ik voeg daar een vierde niveau aan toe: de sportieve, of beter gezegd atletische sferologie.

Atletische sferologie
Het valt niet te ontkennen dat sport in de moderne maatschappij een belangrijke rol speelt. Daarbij eisen balsporten de hoofdrol op, hoe interessant de beoefening van andere sporttypen of de verslaggeving daarover ook is. Vrijwel iedereen staat dus in een bepaalde verhouding tot balsporten en hier beschrijf ik ook mijn verhouding daartoe.

De filosofie van de atletische sferologie beschrijft de mens in beweging. Het gaat dan over de oefenende mens, over de mens in competitie, die triomfeert of verliest; het gaat over de gezonde en de geblesseerde mens, over sporters en trainers, over deelnemers en toeschouwers, over amateurs en professionals.
De atletische sferologie is multidisciplinair, want het raakt vele wetenschappelijke gebieden: de biologie, met name fysiologie en diëtetiek, de psychologie, de sociologie, de economie, de ruimtelijke ordening en de cultuur, met name media en architectuur.

De bewegende mens wil zijn conditie verbeteren door de juiste training en voeding. Hij moet bestand zijn tegen psychologische druk van tegenstrevers en publiek. De bewegende mens beoefent zijn sport dikwijls in teamverband en zonder geld van mecenassen (in de sportwereld doorgaans ‘sponsoren’ genoemd) is het, met name voor topsporters, niet vol te houden. Er moeten sportvoorzieningen worden aangelegd, zoals gymnastieklokalen, sporthallen en stadions – de amfitheaters van deze tijd. Tenslotte krijgt sport veel aandacht in de media, inclusief radio en tv. Voor de camera worden winnaars met lauwerkransen tot sportidolen gekroond.

Nationaal Stadion (Vogelnest) te Peking voor Olympische Spelen 2008
Artist impression Herzog & de Meuron

De bal
Sloterdijk gebruikt bellen, bollen (globes) en schuim als respectievelijke metaforen voor zijn sferologie, om aan te duiden WAAR de mens leeft. Voor de atletische sferologie is een soortgelijke metafoor beschikbaar: de bal. Dit is immers ook een driedimensionale sferische vorm, net als bellen, globes en schuim.
De bal als metafoor voor de bewegende mens.

Weliswaar wordt niet bij alle sporten een bal wordt gebruikt, maar als metafoor duidt de bal aan WAARMEE, met welk attribuut een sport beoefend wordt. Andere accessoires zijn bokshandschoenen, dartpijlen, sportschoenen, schaatsen, een zeilboot, een zwembroek, een schaakbord, een vishengel. Geen sport zonder outfit.
En vrijwel geen sport zonder arena: het grasveld, de boksring, de baan, het parcours, het stadion, de stek.

Mijn keuze voor de bal als metafoor bij uitstek voor de atletische sferologie wordt gerechtvaardigd door het enorme aantal beoefenaars van balsporten. De lijst verschillende ballen is lang: tafeltennisbal, tennisbal, hockeybal, biljartbal, jeu-de-boulesbal, honkbal, klootschietbal, kegelbal, volleybal, voetbal, basketbal, bowlingbal, enz. En dan zijn er nog de vervormde ballen, zoals de rugbybal, de badmintonshuttle en de werpdiscus.

Kwestie van smaak
Het verbaast je misschien dat ik via de opsommingen hierboven ook bezigheden opneem die naar jouw oordeel wellicht simpelweg spelletjes of hobby’s zijn. Ik zou de atletische sferologie graag breed willen definiëren, dus inclusief alle bezigheden die lichamelijk en/of mentaal een extra inspanning vereisen. Dus, als jij je kantoorwerk of je kookclub erbij wilt onderbrengen, omdat dit lichamelijk of mentaal iets extra’s van je vergt – vooruit dan maar (en definieer er je eigen metafoor bij).

Iets anders is welke sport je daadwerkelijk beoefent. Naast smaak en levenshouding is dit ook een kwestie van aanleg, talent, mentoren, geld, omgeving en cultuur. Het aantal Nederlandse bobsleeërs is ten opzichte van Oostenrijkers beperkt, omdat de Nederlandse omgeving niet meewerkt – logisch.

Hurling

En vooral in Ierland wordt vanouds hurling gespeeld, het vogelbekdier onder de balsporten (een bijzondere mengvorm van voetbal, rugby en hockey) – cultureel bepaald.

Laat ik mezelf als voorbeeld nemen: ik heb geen aanleg voor balsporten, ik verkeer in een gebrouilleerde verhouding tot alle miksporten. De laatste keer dat ik meedeed aan een voetbalwedstrijd was ik vlakbij de cornervlag opgesteld. Hier kon ik de minste schade aanrichten. Ik beloofde mezelf dat ik toen voor 't laatst een voetbalveld had betreden.
Aan die belofte heb ik me moeiteloos al ruim twintig jaar gehouden.

Verder herinner ik me de gymnastiekleraar uit mijn middelbareschooltijd, die uitriep, nadat ik de softbal redelijk goed had weggeslagen: “Klaas, raak! Rennen!
Ik haalde er bijna de schoolkrant mee, want meestal sloeg ik naast.

Ik speelde een tijdlang mee in een recreatief volleybalteam, waarbij gezelligheid hoog in het vaandel stond. Tijdens een jaarlijks volleybaltoernooi ontmoetten we andere recreatieve teams. Het aantal deelnemende teams was steevast gelijk aan onze ranking in het eindklassement.
Ik was dus ook geen winnaar in deze balsport. Om van tennissen maar te zwijgen.

Volledigheidshalve moet ik er in eerlijkheid aan toevoegen dat deze resultaten overeenstemmen met mijn ambities op het sportieve vlak: voor mij geen balsporten, vanaf de kleinste tot de grootste ballen, van golfballen tot skippyballen.

Bal in 2D
Toch wil ik mijn sportieve bezigheden – want die heb ik wel degelijk – graag onverkort bij de atletische sferologie onderbrengen. Dit vergt een kleine aanpassing van de metafoor waaraan ik hierboven de hoofdrol toebedeelde. Met dit driedimensionale object heb ik dus weinig op, maar ik heb wél een goede band met de tweedimensionale versie ervan, te weten de cirkel, het wiel, meer specifiek het fietswiel.

En zo kunnen gelukkig ook de sportieve prestaties van mij en mijn fietsmaten in het kader van de atletische sferologie worden beschreven.
En zo kan ik dus koers zetten naar volgende blogposts.

Lees ondertussen ook mijn post “Je moet anders gaan leven!” van 3 december 2013, want ook in dit verband is het gedachtengoed van Sloterdijk zeer van toepassing.